De StiLa-regeling is opnieuw herzien
De Provincie Noord Brabant kent een bijzondere regeling om, ten behoeve van biodiversiteit en landschap, elementen als randen, struweel en bomen terug te brengen in het veld. De regeling is verschillende keren herzien vanwege mogelijke conflicten met Eu-wetgeving, maar nog altijd is de gebruiksvriedelijkheid en de flexibiliteit overeind gebleven. Wat is nieuw?
De Stimuleringsregeling Landschap, StiLA, wordt gevoed door individuele gemeenten en de Waterschappen, daardoor verschilt de regeling per locatie. De Provincie verdubbelt de inleg. De regeling is bedoeld om grondeigenaren met agrarische percelen te stimuleren om maatregelen te nemen ten goede van landschap, biodiversiteit, wateropvang en waterkwaliteit. Met de ondersteuning door veldcoördinatoren die van de hoed en de rand weten geldt de regeling als laagdrempelig. StiLa voorziet in principe in vergoedingen voor aanleg en beheer gedurende de contractperiode.
Wat betekent de gewijzigde StiLa 2.0-regeling?
Per 1 januari 2026 is de regeling doorontwikkeld. Dit brengt een aantal relevante wijzigingen met zich mee:
Belangrijkste wijzigingen per 2026
Hoewel de basis van de regeling gelijk blijft, zijn er enkele duidelijke accenten verschoven:
- Sterkere koppeling met water en klimaat
Waar STILA eerder vooral gericht was op landschapselementen, ligt de nadruk nu nadrukkelijker op:
-
- water vasthouden (infiltratie, greppels, poelen)
- tegengaan van verdroging
- bijdragen aan klimaatadaptatie
Maatregelen zoals waterberging en natuurvriendelijke oevers worden actiever gestimuleerd.
Dit sluit direct aan bij de watertransitie: landbouwgrond wordt steeds meer onderdeel van het watersysteem.
- Gebiedsgerichte sturing is leidender geworden
De regeling is sterker gekoppeld aan:
-
- landschapstypen
- themagebieden (per gemeente/waterschap)
Projecten moeten expliciet passen binnen deze kaarten en doelen.
Dit betekent minder “vrijheid” in losse aanvragen, maar meer focus op gezamenlijke gebiedsopgaven.
- Meer nadruk op samenwerking en cofinanciering
De regeling blijft gebaseerd op samenwerking tussen:
-
- provincie (aanlegkosten)
- gemeenten* (beheerkosten)
- waterschappen (watermaatregelen: aanleg en beheer)
(* Doet een gemeente niet mee, dan kunnen na aanleg de beheerkosten voor ANLb worden voorgedragen)
De provincie verdubbelt nog steeds lokale bijdragen.
In de praktijk betekent dit:
-
- projecten met meerdere deelnemers hebben een streepje voor
- aansluiting bij gebiedsprocessen wordt belangrijker
- Doorontwikkeling naar STILA 2.0 (vereenvoudiging + verbreding)
De vernieuwde regeling:
-
- is inhoudelijk verbreed (meer typen maatregelen mogelijk)
- biedt meer ondersteuning via veldcoördinatoren
- richt zich nadrukkelijk op klimaat, biodiversiteit én water
De regeling is daarmee toegankelijker, maar ook strategischer ingezet.
- Toenemende koppeling met andere regelingen en beleid
Er is een duidelijke beweging richting:
-
- koppeling met waterdoelen (KRW)
- aansluiting op Natuur Netwerk Brabant
- relatie met stikstof- en klimaatopgaven
STILA staat minder op zichzelf en wordt onderdeel van een groter beleidsinstrumentarium.
Wat betekent dit concreet voor boeren?
De wijzigingen zorgen voor een verschuiving in hoe STILA gebruikt wordt:
Van losse maatregel → naar integraal bedrijfs- en gebiedsplan
-
- meer kansen, maar minder vrijblijvendheid
- grotere kans op subsidie bij samenwerking
- toenemende rol van watermaatregelen op landbouwgrond
- noodzaak om plannen goed af te stemmen op gebiedsdoelen
Wat betekent dit voor ANV Kempenland?
Hier ligt een duidelijke kans én rol voor ANV Kempenland:
-
- Van individueel naar collectief organiseren
Omdat de regeling meer gebiedsgericht is:
-
- bundel aanvragen van meerdere boeren
- ontwikkel gezamenlijke plannen per deelgebied
ANV kan hier regie pakken.
-
- Koppelen van watertransitie aan STILA
Gebruik STILA actief als instrument voor:
-
-
- water vasthouden op landbouwgrond
- inrichting van bufferstroken en greppels
- herstel van sloten en kleine landschapselementen
-
Dit maakt watermaatregelen financieel haalbaarder.
-
- Actieve rol in gebiedsprocessen
Zorg dat ANV:
-
-
- aan tafel zit bij gemeenten en waterschappen
- meepraat over gebiedskaarten en thema’s
-
Wie aan de voorkant meedenkt, vergroot kansen voor boeren.
-
- Ontzorgen van leden
De regeling wordt inhoudelijk complexer. ANV kan:
-
-
- leden helpen bij aanvraag en planvorming
- kennis delen (praktijkvoorbeelden)
- fungeren als schakel met veldcoördinatoren
-
-
- Sturen op verdienmodellen
Door de verbreding van STILA ontstaan kansen voor:
-
-
- vergoedingen voor waterberging
- ecosysteemdiensten
- combinaties met andere subsidies
-
ANV kan helpen deze te ontwikkelen en zichtbaar te maken.
Conclusie
De aanpassingen in de STILA-regeling per 2026 maken duidelijk dat landschap, water en landbouw steeds meer met elkaar verweven raken. Voor boeren betekent dit dat meedoen aan de watertransitie niet alleen noodzakelijk is, maar ook kansen biedt.
Voor ANV Kempenland ligt er een belangrijke rol om deze kansen te organiseren, te begeleiden en te vertalen naar praktische oplossingen op het erf en in het veld. Kom maar met je ideeën! info@anvkempenland.nl

